Bezwaarschrift

De provincieraad heeft op 27 april 2021 het ontwerp van provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan ‘Afbakening kleinstedelijk gebied Tienen – eerste herziening’ voorlopig vastgesteld. Het ontwerp wordt opnieuw onderworpen aan een openbaar onderzoek dat loopt van 27 mei 2021 tot en met 26 juli 2021. Het ontwerp bestaat uit een toelichtingsnota, een grafisch plan en stedenbouwkundige voorschriften. Het ruimtelijk uitvoeringsplan werd onderworpen aan een milieueffectenrapportage (plan-MER). Dit plan-MER gaat mee in openbaar onderzoek.

Zoals aangegeven op de website van Vlaams Brabant, kan een bezwaarschrift ingediend worden op volgende manieren:

Afgeven aan de balie tegen ontvangstbewijs:

  • Op het stadhuis van de betrokken gemeente
    • Stadsbestuur Tienen
      Grote Markt 27
      3300 Tienen.

      Of
  • Op het provinciehuis,
    • Provinciale commissie ruimtelijke ordening (PROCORO)
      Provincieplein 1
      3000 Leuven.

Per mail: naar procoro@vlaamsbrabant.be

Per aangetekende brief: per post te versturen aan:

  • Provinciale commissie ruimtelijke ordening (PROCORO)
    • Provincieplein 1
      3000 Leuven

Hieronder volgt een voorbeeld van een bezwaarschrift dat als dusdanig of aangepast kan gebruikt worden.

Voorbeeld bezwaarschrift

Bezwaarschrift openbaar onderzoek Provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan Afbakening kleinstedelijk gebied Tienen, toelichtingsnota, versie ontwerp, maart 2021

Hierbij worden uitvoerige bezwaren ingebracht bij de deelplannen van het PRUP Afbakening kleinstedelijk gebied Tienen. Noch de Provincie Vlaams-Brabant, noch de Stad Tienen achten het blijkbaar nodig om de bevolking terdege en voldoende informatief in te lichten over het plan.

Om onderstaande redenen wordt het PRUP in zijn totaliteit best geschrapt:

1. In 2012 werd de bevolking een gemengd regionaal bedrijventerrein Soldatenveld (GRB) in de strot geduwd dat nu, tien jaar later, in nagenoeg identieke vorm opnieuw op onregelmatige wijze in openbaar onderzoek wordt gebracht, met als nieuw element dat de ontwikkeling van het bedrijventerrein niet langer gekoppeld wordt aan het doortrekken van de ringweg tot aan de Diestsesteenweg, maar aan de aanleg van het tweede segment van de oostelijke ring vanaf de weg Industriepark tot de Oplintersesteenweg.

  • De behoefte/noodzaak van een GRB werd nooit aangetoond, een maatschappelijke/financiële kosten/batenanalyse en /of aanvaardbaarheidsstudie werd nooit uitgevoerd. Een uitvoerbaarheidsstudie ontbreekt.
  • Het streefdoel voor de oppervlakte van minimum 35 ha-maximum 75 ha berust op losse schroeven en werd nooit op economische wijze verantwoord. De in 2012, na hevig protest van de bevolking, doorgevoerde reductie tot 45 ha bruto, bewijst dat de initiatiefnemer van het PRUP, de provincie Vlaams-Brabant, niet het minste idee heeft aan welk soort van bedrijvigheid, met welke oppervlaktebehoefte, het kleinstedelijk gebied Tienen nood heeft.
  • De stedenbouwkundige voorschriften laten dan ook, zonder enige verantwoording, elke vorm van bedrijvigheid toe. In artikel 4 van de stedenbouwkundige voorschriften wordt zelfs vergeten de niet toegelaten activiteiten te vermelden uit pp. 27-28 van het plan-MER, zijnde verbrandingsinrichtingen en -installaties, verwerking en bewerking van mest en slib.
  • De toegelaten SEVESO-activiteiten horen helemaal niet thuis binnen een kleinstedelijk gebied.
  • Voor de ontsluiting van het bedrijventerrein wordt beroep gedaan op segment I en segment II van de oostelijke ring met knip op de Hamelendreef en Utsenakenweg. In de stedenbouwkundige voorschriften wordt er echter nergens melding gemaakt van enige knip. De verkeersgevolgen van de knip , en het effect op sluipverkeerd, worden onvoldoende onderzocht.
  • De behoefte aan segment II en segment I wordt nergens voldoende verantwoord. Op p. 72 van de toelichtingsnota wordt uitdrukkelijk vermeld dat segment I (met aanpassing van de Ambachtenlaan tot ventweg) niet noodzakelijk is voor de doorstroming en het inschakelen van de Ambachtenlaan als onderdeel van de ringweg niet voor wachtrijen zorgt op de weg zelf. Segment I is bijgevolg total overbodig.
  • De mobiliteitsstudie toont een mogelijke verkeerschaos en capaciteitsproblemen aan op de kruising segment II-Industrieparken met lange wachtrijen als gevolg.
  • Voor het langzaam verkeer blijven de kruisingen met segment II levensgevaarlijk.  
  • De verwachte geluidstoename is onverantwoord. Aanzienlijke geluidstoenames in combinatie met overschrijding van de gedifferentieerde referentiewaarden voor secundaire wegen zijn daarenboven te verwachten ter hoogte van de bewoning nabij de kruising van de ringweg met de dwarsende invalswegen (Oplintersesteenweg, Villapark, Houtemstraat, Diestsesteenweg).
  • De inrichtingsschets is slechts informatief. Dit is onverantwoord omdat op die wijze alle mogelijkheden open blijven en de bevolking het raden heeft over wat er eigenlijk allemaal gaat gebeuren.

2. Alle opties worden open gehouden voor het doortrekken van de ringweg via een aantal wegsegmenten die in het plan-MER uitvoerig worden onderzocht via een mobiliteitsstudie.

  • De behoefte/noodzaak van een oostelijke en noordelijke ringweg werd nooit aangetoond, noch verantwoord. AWV en MOW verklaren nu dat elk engagement daarvoor ontbreekt en dat er geen budgetten zijn voorzien in een meerjarenplan, noch voor de aanleg, noch voor enige studie. Alleen al om deze reden moet de aanleg van de oostelijke en noordelijke ringweg worden geschrapt.
  • Het doorrekenen van verkeersscenario’s met 75 ha oppervlakte voor het GRB is een zinloze geldverspilling en onverantwoord, omdat in het PRUP van 2012 de oppervlakte reeds werd teruggebracht tot 45 ha bruto. Worden hier snode plannen gesmeed om de oppervlakte opnieuw op 75 ha te brengen? Nu in tweede instantie voor het scenario met de oppervlakte van 45 ha een 40% verkeersreductie aannemen wordt nergens verantwoord en berust op losse basis.
  • Voor de simulatie worden kengetallen aangenomen die nergens worden toegelicht. Bij de verkeersgeneratie voor het bedrijventerrein en de detailhandelszone wordt een onderscheid gemaakt tussen personenwagens lichte en zware vrachtwagens. Hoe weet men hoeveel lichte en zware vrachtwagens zullen in- en uitrijden als men niet het minste idee heeft over welke bedrijven zich gaan vestigen op GRB en welke detailhandel er gaat komen op de Leuvenselaan?
  • De resultaten van de mobiliteitsstudie zijn ronduit ontluisterend:
    • Het doortrekken van de ringweg leidt in geen enkel scenario tot afname van de verkeersstromen op de Vesten, maar integendeel tot een toename. Nochtans werd de noorderring ingeroepen als reddende engel die zou zorgen voor verkeersafname op de Vesten.
    • De aanleg van segment I van de oostelijke ring is niet noodzakelijk en de wijziging van de Ambachtenlaan tot ventweg totaal overbodig.

3. De behoefte aan de ontwikkeling van grootschalige detailhandel op de Leuvenselaan wordt nergens aangetoond.

  • In de toelichtingsnota wordt nu met geen woord gerept over het project-MER dat in 2017 zelfs in openbaar onderzoek werd gebracht en waarvoor richtlijnen werden opgesteld. Blijkbaar wilde men een project op onwettelijke basis loskoppelen van het PRUP. Wie werkt er hier met een onverantwoorde dubieuze dubbele agenda?
  • Nu wordt een oppervlaktereductie voorgesteld tot 12.500 m2 i.p.v. 25.000 m2, maar de stedenbouwkundige voorschriften vermelden een oppervlakte van 18.000 m2. Wie wil men hier bedriegen?
  • Het uitgaand verkeer kan niet volledig worden afgewikkeld met lange wachtrijen tot gevolg op de Leuvenselaan, de vesten, de N29 Aarschotsesteenweg en Diestsesteenweg, met de nodige doorstromingsproblemen op de Vesten. Totaal onverantwoord! 

Om al deze redenen kan het PRUP niet worden goedgekeurd en moet het worden geschrapt met schrapping van de reservatiestrook uit het gewestplan en de nieuwe reservatiestroken voor de oostelijke ringweg.